Portret Etty Mulder op achterzijde brochure

Foto: Ron Moes

 

Necrologie Etty Mulder (30 maart 1946 – 18 mei 2020)

Het doel van Etty Mulders scherpzinnige en verrijkende analyses was altijd het voelbaar en zichtbaar maken van de essentie van kunst in de diepste laag van het begrijpen van de geest, waar het afzonderlijke is opgenomen in een unieke eenheid van betekenis en zin. In haar talrijke publicaties heeft zij, hoogleraar aan de Radboud Universiteit van 1982 tot aan haar emeritaat in 2007 in de Muziekwetenschap, Algemene Cultuurwetenschappen en de Holocaust in de Kunst, altijd naar het verband tussen diverse vormen van kunst gezocht. Beginnend bij haar proefschrift uit 1978 over allegorie en muziek bij de middeleeuwse dichter-componist Guillaume de Machaut voortvloeiend uit haar samenwerking met Marijke Ferguson en Bep Rietveld in Studio Laren, daarna in haar studies over onder anderen Hildegard von Bingen, Wolfgang Amadeus Mozart, Gustav Mahler, Arnold Schönberg, Pierre Boulez en Hendrik Andriessen. De belangrijkste impuls voor het ontwikkelen van haar analytische talent ging uit van Hélène Nolthenius, haar promotor, hoogleraar muziekwetenschap in Utrecht en vroegste auteur over mentaliteitsgeschiedenis. In 2000 publiceerde Etty Mulder een bijzondere biografie over deze vrouw die haar meer dan wie ook heeft geïnspireerd.

Etty Mulder bewandelde vooral twee wegen om de diepere zin van kunst op het spoor te komen. Enerzijds de psychoanalyse en anderzijds de filosofie. Daarin vond zij een gedeelde inspiratie bij haar levenspartner Gertie Bögels die onder andere leidde tot verheldering van de relatie tussen mythen en muziek. Kort gezegd: Freud en Orpheus, titel van een van haar publicaties. Zij illustreerde die relatie onder meer aan de hand van de beginscène van Claude Lanzmann's film Shoah. Met Lanzmann was Etty Mulder hecht bevriend. Lanzmann zag dat het denken over de Shoah (Holocaust) bij Etty Mulder in veilige handen was. Gescherpt door de filosofie van Theodor Adorno, de muziek van Arnold Schönberg, het werk De menselijke soort van Robert Antelme en de rijk gelaagde poëzie van Paul Celan reikte Etty Mulder als weinig anderen in Nederland een zuiver kader aan voor het schrijven over de Shoah en de juiste wijze van herdenken van dit absolute dieptepunt in de geschiedenis van de Westerse cultuur. Over de kloof maar ook de obscure relatie tussen verheven cultuur en barbarij raakte zij niet uitgedacht. Hierin was Adorno haar gids.
Uit haar denken over de 'representatie' van de Shoah vloeide haar belangstelling voor het werk van de componist Pierre Boulez voort. Samen met Marius Flothuis richtte Mulder in 1999 de Stichting Pierre Boulez op, vertaalde een deel van Boulez' geschriften in het Nederlands zoals in haar studie Het vruchtbare land, Zielsverwantschap Pierre Boulez-Paul Klee. Mulder en Boulez waren verwant en bevriend. Zij raakte ook bevriend met de Franse musicologe en Boulez expert: Catherine Steinegger.
Binnen de Stichting Kunstenaarsverzet 1942–1945 waarvan zij op instigatie van Marius Flothuis en Louise van der Veen-van der Chijs vanaf 1987 voorzitter was, vervulde Etty Mulder een immense taak waarin haar grote talenten samen kwamen. Van de principes van verzetsstrijder Gerrit van der Veen ging voor Etty Mulder grote kracht uit. Uit de vele contacten met overlevenden van de Shoah resulteerde een groot aantal publicaties zoals Kinderen van de Oorlog (1990) en een nauwe samenwerking met kunstenaars en politici als Ed van Thijn, Bill Minco, Corina Engelbrecht, Helly Oestreicher, Peter Struycken, Ed Spanjaard, Til Gardeniers en Huub Oosterhuis, alsmede met Dirk Mulder, directeur van het Herinneringscentrum Voormalig Kamp Westerbork. De uitreiking van de Verzetsprijs tijdens de tweejaarlijkse bijeenkomst van de Stichting Kunstenaarsverzet 19421945 in de nacht van 4 op 5 mei in de Nieuwe Kerk te Amsterdam vereiste een intensieve voorbereiding van deze voorzitter. De Verzetsprijs eerde kunstenaars zoals de auteur Andreas Burnier en Claude Lanzmann die aan de herdenkingscultuur rondom vervolging en geweld wezenlijk hadden bijgedragen. De laatste prijs werd uitgereikt aan de Kroatische schrijfster Dubravka Ugresic in 1997.

Etty Mulder was een begaafd en toegewijd schrijfster van brieven. Van de vele, zeer inhoudsrijke, met pen en inkt gevoerde correspondenties zij hier de briefwisseling met de schrijfster Margaretha Ferguson genoemd.

Door de contacten van de Stichting Kunstenaarsverzet met onderzoekers van de Hebrew University in Jeruzalem kwamen conferenties tot stand die aan algemene vragen in verband met de representatie van de Shoah en in dat kader: aan individuele overlevenden als Erna Furman waren gewijd. Deze conferenties vonden veelal in samenwerking met de afdeling Cultuurwetenschap van de Radboud Universiteit Nijmegen plaats.
Uit Etty Mulders monografiën, haar bijdragen aan essaybundels en haar publieke optredens wordt duidelijk hoe zegenrijk haar werkzame leven is geweest. Door het niveau van haar colleges in de kelder van het Nijmeegse Erasmusgebouw werden velen geïnspireerd; zij maakte haar studenten tot kritische denkers.
In 2012 werd haar voor haar verdiensten voor het Franse taalgebied door de Franse ambassadeur de onderscheiding Chevalier de l'Ordre des Arts et des Lettres verleend. Tot het laatst was Etty Mulder intensief bezig met de vraagstukken van de geesteswetenschappen. Het onderwerp van haar studies die zij niet meer kon voltooien was de relatie tussen Theodor Adorno en Gustav Mahler, daarnaast de verhouding van Thomas Mann tot Theodor Adorno. Om een beeld uit Etty Mulders taalgebruik aan te halen: 'Als je een beetje geluk hebt in het korte verblijf hier op aarde, kun je dingen beleven die je even boven het niveau van het alledaagse uittillen.' Zij laat een rijk oeuvre na.

– Hans Ester en Anneke Neijt-Kappen, bevriende collega's van Etty Mulder

 

 

 

 

List of
publications
public lectures
research themes
1975–2017

Brochure in eigen beheer, 2017

 

Download pdf